IJ

Wie Amsterdam zegt, zegt ‘IJ’ en omgekeerd. Stad en water zijn – letterlijk - met elkaar opgegroeid. Het is vooral dankzij het IJ dat Amsterdam zich de 18e eeuw herinnert als de Gouden Eeuw; het IJ zorgde immers voor de lucratieve verbindingen van VOC en WIC met Azië, Afrika, het nieuwe Amerika. Tijdens de industriële revolutie, en vooral door de komst van het Centraal Station, raakte het centrum van de stad het contact met het IJ en de Noordoever een beetje kwijt. De ontwikkeling van de IJoevers tot nieuwe, volwaardige stukken stad, de ‘ontdekking’ van Noord door de creatieve industrie en de komst van nieuwe culturele grootheden, zoals Muziekgebouw aan ’t IJ en het Filmmuseum in Overhoeks, maken van het IJ veel meer een rivier door de stad, zoals de Seine of de Thames. Het centrumleven en –gevoel van Amsterdam reikt weer naar het water. En steekt over, naar Overhoeks.